Terug Back

Andere artikelen:
MENSELIJKE SPOREN IN DE NATUUR
door Henny de Lange, Trouw
FOTOGRAFEN BIJ WIE NIETS MEER ECHT IS
door Roos van Put, Haagse Courant
SPOREN IN HET LANDSCHAP
door Frits Baarda, maandblad FOCUS
Siobhan Wall voor EYEMAZING (English)
Op het Internet:
www. Photoq.nl

De Volkskrant, 27 maart 2004
 
'Ik kom terug met werk, of ik kom níet terug'
door Merel Bem
 
Borderland. T/m 13 juni in het Fotomuseum, Den Haag. The Borderland Project ligt vanaf vandaag in de boekwinkel;
ISBN 90808242-1-6; € 55.
 
Anja de Jong werd onderweg omver geblazen door de wind en schudde 'plasjes zand' uit haar fototoestel. Ze keerde eindeloos terug naar dezelfde plek om de juiste foto te schieten. Nu zijn er een tentoonstelling en een boek.
 
'Maak het nou niet heldhaftiger dan het is.' Ze zegt het bijna bezorgd, fotografe Anja de Jong. Gleed tijdens haar reizen regelmatig uit, of liep net iets te ver door. Zat, helemaal alleen, met een voet vast in een mistig lavaveld, waar ze zichzelf inderdaad flink moest toespreken om niet in paniek te raken. Uiteindelijk kreeg ze die voet terug. Zonder schoen, dat wel. Maar ja, wuift ze lachend, dat is het risico van het vak.
 
'Er gebéuren gewoon gevaarlijke dingen', zegt ze. Maar dat is niet belangrijk voor mijn foto's. Ik kom terug met werk, of ik kom níet terug. En ik ga natuurlijk voor het eerste.'
 
Van 1992 tot 2001 was Anja de Jong (1957) op zoek naar 'borderland': land waar de strijd tussen natuur en cultuur, anders dan in het volgeplempte Nederland, nog niet is beslist, maar waar de menselijke invloed al wel zichtbaar is. Daartoe verdeelde ze de wereld in extremen: heel koud (IJsland, Spitsbergen, Antarctica), heel hoog (La Palma, Hawaii) en heel warm (Costa Rica, Puerto Rico, Namibië). Twaalf jaar lang bezocht ze, als een negentiendeeeuwse ontdekkingsreiziger, die gebieden. Meestal alleen, soms, zoals in Antarctica, met een groep wetenschappers.
 
Ze sjouwde er in de meest barre weersomstandigheden rond met twee grote platencamera's en een statief. Ze stond op de gekste tijden op, werd omver geblazen door de wind, schudde 'plasjes zand' uit haar fototoestel, en keerde vaak eindeloos terug naar dezelfde plek om de juiste foto te schieten. Het resultaat, een groot aantal zwartwit-foto's vol met leeg 'borderlandschap', hangt nu aan de muren van het Fotomuseum in Den Haag en is gebundeld in een boek.
 
Het vangen van ruimte in een foto – dat is waar Anja de Jong altijd mee bezig is geweest. Ook toen ze nog voornamelijk binnenshuis en in Nederland werkte. Ze studeerde in 1981 af aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. In de jaren daarna fotografeerde ze gebouwen en interieurs op een vrij abstracte manier. Het ging haar meer om het omzetten van licht en ruimte naar een plat vlak, dan puur om het onderwerp zelf.
 
Maar de ruimte op IJsland en de uitgestrektheid van de woestijn in Namibië, zie die maar eens te pakken te krijgen. 'In het begin was ik voornamelijk gefocust op architectonische ingrepen in het landschap, zoals weerstations en observatoria', vertelt De Jong. 'Daar had ik ervaring mee. Het was moeilijk om vat te krijgen op een grote lege vlakte.' Er ging een tijdje overheen voordat ze ook de kleine menselijke sporen in het landschap durfde te fotograferen, zoals een grillig lijntje uiteengestroomde voetstappen in een onmetelijk zandlandschap.
 
Het idee voor het Borderland Project ontstond nadat een aantal mensen in haar directe omgeving, onder wie haar vader, overleed aan wat men wel 'Westerse welvaartsziekten' noemt. Die worden vaak veroorzaakt door verslechterde milieuomstandigheden, zoals luchtvervuiling.
 
Bestaan er eigenlijk nog plekken waar de mens tot nu toe nog geen vat op heeft gekregen? vroeg De Jong, telg uit een zeevaardersfamilie, zich af. Die waren er wel. Ze was er alleen zelf nog nooit geweest.
 
'In eerste instantie keek ik met de ogen van een Nederlander. Dacht ik overal duidelijk de grens tussen cultuur en natuur te zien. Maar na een tijd kwam ik er achter dat die grens er op sommige plekken gewoon niet ís. De menselijke invloed is daar niet meer dan een stip op de kaart.'
Die stip fotografeerde ze wel, maar ze maakte het niet dramatischer dan het was. 'Ik heb steeds geprobeerd zo objectief mogelijk te blijven, voor zover dat kan in de fotografie', zegt ze.
 
Zo fotografeerde ze een radarstation op IJsland twee keer: een keer van heel dichtbij, zodat de twee radarschermen als enorme stadiontribunes boven de bergen uitsteken, en een keer van heel ver weg, zodat ze niet groter lijken dan een steen op de voorgrond.
 
De waarschuwing, bezorgdheid, aanklacht, hoe je het ook wil noemen, zit dan ook niet zozeer in de foto's zelf, zegt De Jong, maar in de herhaling ervan. Nu ze zo allemaal bij elkaar hangen, kun je dat goed zien: foto na foto na foto duikt de westerse mens op, niet in zijn eigen gedaante maar in dat van ingewikkelde meetapparatuur, tentjes of vlaggen. Het zwartwit verleent de foto's een bepaalde mate van abstractie, een onbepaaldheid van tijd en plaats, waardoor die ene plek staat voor zoveel andere plekken op de wereld. 'Als ik nu terug zou gaan, zou er alweer heel veel veranderd zijn. De plek op de foto is die plek niet meer.'
Copyright: Merel Bem
 
Andere artikelen:
MENSELIJKE SPOREN IN DE NATUUR
door Henny de Lange, Trouw
FOTOGRAFEN BIJ WIE NIETS MEER ECHT IS
door Roos van Put, Haagse Courant
SPOREN IN HET LANDSCHAP
door Frits Baarda, maandblad FOCUS
Siobhan Wall voor EYEMAZING (English)
Op het Internet:
www. Photoq.nl
 

Terug Back